Fycompa Abacus 8mg Filmomh Tabl 28
Op voorschrift
Geneesmiddel

Fycompa Abacus 8mg Filmomh Tabl 28

  € 130,55

information-circle Terugbetaalbaar

Als je recht hebt op een terugbetaling voor dit geneesmiddel, betaal je in de apotheek een verlaagde prijs en niet de prijs die op onze webshop vermeld staat.

Terugbetalingstarief

€ 2,00 (6% inclusief btw)

Verhoogde tegemoetkoming

€ 1,00 (6% inclusief btw)

Belangrijke informatie

Voor dit geneesmiddel is een voorschrift nodig. Na beoordeling door de apotheker kan je het komen afhalen en betalen.

Maximum toegelaten hoeveelheid in winkelwagen bereikt

  € 130,55
Op bestelling

4.4 Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik Suïcidale ideatie Suïcidale ideatie en gedrag zijn gemeld bij patiënten die werden behandeld met anti-epileptica voor diverse indicaties. Een meta-analyse van gerandomiseerde, placebogecontroleerde trials met anti-epileptica heeft ook een klein verhoogd risico op suïcidale ideatie en suïcidaal gedrag aangetoond. Het mechanisme van dit risico is niet bekend en de beschikbare gegevens sluiten de mogelijkheid van een verhoogd risico voor perampanel niet uit. Daarom dienen patiënten (kinderen, adolescenten en volwassenen) te worden gemonitord op verschijnselen van suïcidale ideatie en gedrag en dient men de juiste behandeling te overwegen. Bij het optreden van verschijnselen van suïcidale ideatie of suïcidaal gedrag dient men patiënten (en zorgverleners van patiënten) te adviseren medisch advies te vragen. Ernstige ongewenste huidreacties Ernstige ongewenste huidreacties, waaronder geneesmiddelenreactie met eosinofilie en systemische symptomen (DRESS) en het syndroom van Stevens-Johnson (SJS), die levensbedreigend kunnen zijn of fatale gevolgen kunnen hebben, zijn gemeld (frequentie niet bekend; zie rubriek 4.8) bij behandeling met perampanel. De patiënt dient op het moment van voorschrijven te worden geïnformeerd over de klachten en verschijnselen en dient nauwlettend te worden gemonitord op huidreacties. Bij de symptomen van DRESS horen meestal, doch niet uitsluitend koorts, rash met betrokkenheid van andere orgaanstelsels, lymfadenopathie, abnormale leverfunctietests en eosinofilie. Het is belangrijk op te merken dat vroege tekenen van overgevoeligheid, zoals koorts of lymfadenopathie, aanwezig kunnen zijn terwijl rash niet manifest is. Typische symptomen van SJS omvatten, maar zijn niet beperkt tot: loslating van de huid (epidermale necrolyse/blaren) < 10%, erytheem (confluerend), snelle progressie, pijnlijke en atypische schietschijfachtige laesies en/of breed verspreide paars‑rode maculae of groot erytheem (confluerend), bulleuze/erosieve verschijnselen in meer dan 2 slijmvliezen. Indien zich klachten en verschijnselen voordoen die wijzen op deze reacties, dient het gebruik van perampanel onmiddellijk te worden gestaakt en dient een behandelingsalternatief te worden overwogen (afhankelijk van de noodzaak). Als de patiënt een ernstige reactie heeft ontwikkeld zoals SJS of DRESS tijdens het gebruik van perampanel, mag de behandeling met perampanel bij deze patiënt nooit opnieuw worden gestart. Afwezigheidsaanvallen en myoklonische aanvallen Afwezigheidsaanvallen en myoklonische aanvallen zijn twee typen gegeneraliseerde aanvallen die vaak voorkomen bij patiënten met IGE. Van andere anti-epileptica is bekend dat zij deze typen aanvallen veroorzaken of verergeren. Patiënten die lijden aan myoklonische aanvallen en afwezigheidsaanvallen, moeten worden gemonitord zolang zij Fycompa gebruiken. Zenuwstelselaandoeningen Perampanel kan duizeligheid en somnolentie veroorzaken en kan daarom de rijvaardigheid en het vermogen om machines te bedienen beïnvloeden (zie rubriek 4.7). Hormonale anticonceptiva In doses van 12 mg/dag kan Fycompa de werkzaamheid van progestageenbevattende hormonale anticonceptiva verminderen; in dit geval worden aanvullende niet-hormonale vormen van anticonceptie aanbevolen bij het gebruik van Fycompa (zie rubriek 4.5). Vallen Er schijnt een verhoogd risico op vallen te bestaan, met name bij ouderen; de onderliggende oorzaak is niet duidelijk. Agressie, psychotische stoornis Bij patiënten die behandeling met perampanel ontvangen, is agressief, vijandig en abnormaal gedrag gerapporteerd. Bij met perampanel behandelde patiënten in klinische trials werden bij hogere doses agressie, woede, prikkelbaarheid en psychotische stoornis vaker gerapporteerd. De meeste van de gerapporteerde incidenten waren licht of matig en de patiënten herstelden hetzij spontaan of met dosisaanpassing. Bij sommige patiënten (< 1% in klinische trials met perampanel) werden echter gedachten aan het veroorzaken van letsel bij anderen, fysiek aanvallen of dreigend gedrag opgemerkt. Er zijn moordgedachten gemeld bij patiënten. Men dient patiënten en zorgverleners te adviseren onmiddellijk een beroepsbeoefenaar in de gezondheidszorg te waarschuwen wanneer significante veranderingen in stemming of gedragspatronen worden waargenomen. Bij het optreden van dergelijke symptomen dient de dosering van perampanel te worden verlaagd en moet worden overwogen de behandeling te stoppen indien de symptomen ernstig zijn (zie rubriek 4.2). Mogelijkheid van misbruik Men dient voorzichtig te zijn bij patiënten met een voorgeschiedenis van misbruik van middelen en de patiënt dient te worden gemonitord voor symptomen van misbruik van perampanel. Gelijktijdige CYP3A-inducerende anti-epileptica Responspercentages na toevoeging van perampanel in vaste doses waren lager wanneer patiënten gelijktijdig CYP3A-enzyminducerende anti-epileptica (carbamazepine, fenytoïne, oxcarbazepine) ontvingen in vergelijking met responspercentages bij patiënten die gelijktijdig niet-enzyminducerende anti-epileptica ontvingen. De respons van patiënten dient te worden gemonitord wanneer zij overschakelen van gelijktijdige niet-inducerende anti-epileptica op enzyminducerende geneesmiddelen en vice versa. Afhankelijk van individuele klinische respons en verdraagbaarheid, kan de dosis met 2 mg per keer worden verhoogd of verlaagd (zie rubriek 4.2). Andere gelijktijdige (niet-anti-epileptica) cytochroom P450-inducerende of -remmende geneesmiddelen Patiënten dienen nauwlettend te worden gemonitord op verdraagbaarheid en klinische respons bij het toevoegen of verwijderen van cytochroom P450-inductoren of -remmers, daar plasmaspiegels van perampanel kunnen worden verlaagd of verhoogd; de dosis van perampanel moet mogelijk dienovereenkomstig worden aangepast. Hepatotoxiciteit Er zijn gevallen van hepatotoxiciteit (met name een verhoogd aantal leverenzymen) gemeld bij gebruik van perampanel in combinatie met andere anti-epileptica. Bewaking van de leverfunctie moet worden overwogen als een verhoogd aantal leverenzymen wordt waargenomen. Werkzame bestanddelen Lactose-intolerantie Fycompa bevat lactose, daarom dienen patiënten met zeldzame erfelijke aandoeningen als galactose-intolerantie, Lapp lactasedeficiëntie of glucose-galactosemalabsorptie dit geneesmiddel niet te gebruiken.

4.1 Therapeutische indicaties Fycompa (perampanel) is geïndiceerd als adjuvante therapie bij de behandeling van: - focale aanvallen met of zonder secundair gegeneraliseerde aanvallen bij patiënten vanaf de leeftijd van 4 jaar; - primaire gegeneraliseerde tonisch-klonische (PGTC-) aanvallen bij patiënten vanaf de leeftijd van 7 jaar met idiopathische gegeneraliseerde epilepsie (IGE).

4.5 Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie Fycompa wordt niet gezien als een sterke inductor of remmer van cytochroom P450- of UGT-enzymen (zie rubriek 5.2).

Hormonale anticonceptiva Bij gezonde vrouwen die gedurende 21 dagen 12 mg (maar niet 4 of 8 mg/dag) gelijktijdig met een oraal combinatie-anticonceptivum ontvingen, bleek Fycompa de blootstelling aan levonorgestrel te verminderen (gemiddelde Cmax- en AUC-waarden werden elk verlaagd met 40%). De AUC van ethinylestradiol werd niet beïnvloed door Fycompa 12 mg terwijl de Cmax met 18% werd verlaagd. Daarom dient de mogelijkheid van verminderde werkzaamheid van progestageenbevattende hormonale anticonceptiva te worden overwogen voor vrouwen die Fycompa 12 mg/dag nodig hebben en dient een aanvullende, betrouwbare methode (spiraaltje (IUD), condoom) te worden gebruikt (zie rubriek 4.4). Interacties tussen Fycompa en andere anti-epileptica Mogelijke interacties tussen Fycompa en andere anti-epileptica (AE's) werden beoordeeld in klinische onderzoeken. In een farmacokinetische populatieanalyse van drie gepoolde fase 3-onderzoeken bij adolescente en volwassen patiënten met partiële aanvallen, werd de invloed van Fycompa (maximaal 12 mg, eenmaal daags) op de farmacokinetiek van andere anti-epileptica beoordeeld. In een andere farmacokinetische populatieanalyse van gepoolde gegevens van twintig fase 1-onderzoeken waarin gezonde proefpersonen waren opgenomen die maximaal 36 mg Fycompa kregen, en één fase 2- en zes fase 3-onderzoeken bij pediatrische, adolescente en volwassen patiënten met partiële aanvallen of primaire gegeneraliseerde tonisch-klonische aanvallen die eenmaal per dag maximaal 16 mg Fycompa kregen, werd de invloed van een gelijktijdig gebruik van anti-epileptica op de klaring van perampanel beoordeeld. De effecten van deze interacties op de gemiddelde steady-state concentratie wordt samengevat in de volgende tabel. Gelijktijdig toegediend AE Invloed van AE op Fycompa-concentratie Invloed van Fycompa op AE-concentratie Carbamazepine 3-voudige verlaging < 10% verlaging Clobazam Geen invloed < 10% verlaging Clonazepam Geen invloed Geen invloed Lamotrigine Geen invloed < 10% verlaging Levetiracetam Geen invloed Geen invloed Oxcarbazepine 2-voudige verlaging 35% verhoging 1) Fenobarbital 20% verlaging Geen invloed Fenytoïne 2-voudige verlaging Geen invloed Topiramaat 20% verlaging Geen invloed Valproïnezuur Geen invloed < 10% verlaging Zonisamide Geen invloed Geen invloed 1) Actieve metaboliet monohydroxycarbazepine werd niet beoordeeld. Op basis van de resultaten van de farmacokinetische populatieanalyse van patiënten met partiële aanvallen en patiënten met primaire gegeneraliseerde tonisch-klonische aanvallen werd de totale klaring van Fycompa verhoogd bij gelijktijdige toediening met carbamazepine (3-voudig) en fenytoïne of oxcarbazepine (2-voudig), die bekende inductoren van metabolisatie-enzymen zijn (zie rubriek 5.2). Met dit effect dient rekening te worden gehouden en het dient te worden behandeld door toevoeging van of stoppen met deze anti-epileptica bij het behandelingsregime van een patiënt. Clonazepam, levetiracetam, fenobarbital, topiramaat, zonisamide, clobazam, lamotrigine en valproïnezuur hadden geen klinisch relevante invloed op de klaring van Fycompa. Bij een farmacokinetische populatieanalyse van patiënten met partiële aanvallen was Fycompa niet op een klinisch relevante wijze van invloed op de klaring van clonazepam, levetiracetam, fenobarbital, fenytoïne, topiramaat, zonisamide, carbamazepine, clobazam, lamotrigine en valproïnezuur, in de hoogste geëvalueerde dosis perampanel (12 mg/dag). Perampanel bleek de klaring van oxcarbazepine met 26% te verlagen. Oxcarbazepine wordt snel gemetaboliseerd door middel van het cytosolische reductase-enzym tot de werkzame metaboliet, monohydroxycarbazepine. Het effect van perampanel op de concentraties monohydroxycarbazepine is niet bekend. Perampanel wordt gedoseerd tot klinisch effect, ongeacht andere AE's. Effect van perampanel op CYP3A-substraten Bij gezonde proefpersonen verlaagde Fycompa (6 mg eenmaal daags gedurende 20 dagen) de AUC van midazolam met 13%. Een sterkere vermindering van blootstelling aan midazolam (of andere gevoelige CYP3A-substraten) bij hogere doses Fycompa kan niet worden uitgesloten. Effect van cytochroom P450-inductoren op de farmacokinetiek van perampanel Van sterke inductoren van cytochroom P450, zoals rifampicine en hypericum, wordt verwacht dat zij de perampanelconcentraties verlagen en de kans op hogere plasmaconcentraties van reactieve metabolieten in de aanwezigheid ervan is niet uitgesloten. Van felbamaat is aangetoond dat het de concentraties van bepaalde geneesmiddelen verlaagt en mogelijk ook perampanelconcentraties verlaagt. Effect van cytochroom P450-remmers op de farmacokinetiek van perampanel Bij gezonde proefpersonen verhoogde de CYP3A4-remmer ketoconazol (400 mg eenmaal daags gedurende 10 dagen) de AUC van perampanel met 20% en verlengde de halfwaardetijd van perampanel met 15% (67,8 u vs 58,4 u). Sterkere effecten kunnen niet worden uitgesloten wanneer perampanel wordt gecombineerd met een CYP3A-remmer met een langere halfwaardetijd dan ketoconazol of wanneer de remmer gedurende een langere behandelingsduur wordt gegeven. Levodopa Bij gezonde proefpersonen had Fycompa (4 mg eenmaal daags gedurende 19 dagen) geen invloed op de Cmax of AUC van levodopa. Alcohol De effecten van perampanel op taken waarbij men alert en oplettend moet zijn, zoals rijvaardigheid, waren additief of supra-additief aan de effecten van alcohol zelf, zoals werd ontdekt in een farmacodynamisch interactie-onderzoek bij gezonde proefpersonen. Meerdere doses perampanel 12 mg/dag verhoogden de niveaus van boosheid, verwardheid en depressie zoals beoordeeld met behulp van de 'Profile of Mood State' 5-punts beoordelingsschaal (zie rubriek 5.1). Deze effecten zijn mogelijk ook te zien wanneer Fycompa wordt gebruikt in combinatie met andere depressiva voor het centrale zenuwstelsel (CZS). Pediatrische patiënten Onderzoek naar interacties is alleen bij volwassenen uitgevoerd. Bij een farmacokinetische populatieanalyse van adolescente patiënten in de leeftijd van ≥ 12 jaar en kinderen in de leeftijd van 4 t/m 11 jaar waren er geen merkbare verschillen vergeleken met de volwassen populatie.

Binnen elke frequentiecategorie worden de bijwerkingen gepresenteerd in volgorde van afnemende ernst. Systeem/orgaanklasse Zeer vaak Vaak Soms Niet bekend Voedings- en stofwisselingsstoornissen Verminderde eetlust Toegenomen eetlust Psychische stoornissen Agressie Boosheid Angst Verwarde toestand Suïcidale ideatie Suïcidepoging Hallucinaties Psychotische stoornis Zenuwstelselaandoeningen Duizeligheid Somnolentie Ataxie Dysartrie Evenwichtsstoornis Prikkelbaarheid Oogaandoeningen Diplopie Wazig zien Evenwichtsorgaan- en ooraandoeningen Vertigo Maagdarmstelselaandoeningen Misselijkheid Huid- en onderhuidaandoeningen Geneesmiddelenreactie met eosinofilie en systemische symptomen (DRESS)* Syndroom van Stevens-Johnson (SJS)* Skeletspierstelsel- en bindweefselaandoeningen Rugpijn Algemene aandoeningen Gangstoornis Vermoeidheid Onderzoeken Gewichtstoename Letsels, intoxicaties en verrichtingscomplicaties Vallen * Zie rubriek 4.4 Pediatrische patiënten Op basis van de klinische-trialdatabase van 196 adolescenten die in dubbelblinde studies aan perampanel waren blootgesteld voor partiële aanvallen en primaire gegeneraliseerde tonisch-klonische aanvallen, was het globale veiligheidsprofiel van adolescenten vergelijkbaar met dat van volwassenen, behalve voor agressie, wat vaker bij adolescenten dan bij volwassenen werd waargenomen. Op basis van de klinische-trialdatabase van 180 pediatrische patiënten die in een multicenter, open-label studie aan perampanel waren blootgesteld, was het globale veiligheidsprofiel van kinderen vergelijkbaar met het vastgestelde veiligheidsprofiel van adolescenten en volwassenen, behalve wat betreft somnolentie, prikkelbaarheid, agressie en agitatie, die vaker werden waargenomen bij de pediatrische studie dan bij de studies bij adolescenten en volwassenen. De beschikbare gegevens van kinderen gaven geen klinisch significante effecten aan van perampanel op de groei- en ontwikkelingsparameters, waaronder lichaamsgewicht, lengte, schildklierfunctie, IGF‑1 (insulineachtige groeifactor 1), cognitie (zoals beoordeeld aan de hand van het Aldenkamp‑Baker Neuropsychological Assessment Schedule [ABNAS]), gedrag (zoals beoordeeld aan de hand van de Child Behavior Checklist [CBCL]) en behendigheid (zoals beoordeeld met de Lafayette Grooved Pegboard Test [LGPT]). De effecten op de lange termijn (meer dan 1 jaar) op het leervermogen, de intelligentie, de groei, de endocriene functie en de puberteit van kinderen zijn tot op heden onbekend.

4.3 Contra-indicaties Overgevoeligheid voor de werkzame stof of voor een van de in rubriek 6.1 vermelde hulpstoffen.

4.6 Vruchtbaarheid, zwangerschap en borstvoeding Vrouwen die zwanger kunnen worden en anticonceptie bij mannen en vrouwen Fycompa wordt niet aanbevolen voor gebruik bij vrouwen die zwanger kunnen worden en geen anticonceptie toepassen, tenzij dit duidelijk nodig is. Fycompa kan de werkzaamheid van hormonale anticonceptiva met progestageen verminderen. Daarom wordt een extra niet-hormonale vorm van anticonceptie aanbevolen (zie rubriek 4.4 en 4.5). Zwangerschap Er is een beperkte hoeveelheid gegevens (minder dan 300 zwangerschapsuitkomsten) over het gebruik van perampanel bij zwangere vrouwen. De resultaten van dieronderzoek duiden niet op teratogene effecten bij ratten of konijnen, maar embryotoxiciteit werd waargenomen bij ratten bij maternale toxische doses (zie rubriek 5.3). Fycompa wordt niet aanbevolen voor gebruik tijdens de zwangerschap. Borstvoeding Uit onderzoeken bij zogende ratten blijkt dat perampanel en/of de metabolieten ervan in melk wordt/worden uitgescheiden (zie rubriek 5.3 voor bijzonderheden). Het is niet bekend of perampanel in de moedermelk wordt uitgescheiden. Risico voor pasgeborenen/zuigelingen kan niet worden uitgesloten. Er moet worden besloten of borstvoeding moet worden gestaakt of dat behandeling met Fycompa moet worden gestaakt dan wel niet moet worden ingesteld, waarbij het voordeel van borstvoeding voor het kind en het voordeel van behandeling voor de vrouw in overweging moeten worden genomen. Vruchtbaarheid Bij het vruchtbaarheidsonderzoek bij ratten werden bij vrouwtjes bij hoge doses (30 mg/kg) langdurige en onregelmatige oestrische cycli waargenomen; deze veranderingen waren echter niet van invloed op de vruchtbaarheid en vroege embryonale ontwikkeling. Er waren geen effecten op de mannelijke vruchtbaarheid (zie rubriek 5.3). Het effect van perampanel op de vruchtbaarheid bij de mens is niet vastgesteld.

4.2 Dosering en wijze van toediening Dosering Om de balans tussen werkzaamheid en verdraagbaarheid te optimaliseren, moet Fycompa worden getitreerd op basis van de individuele respons van de patiënt. Perampanel dient eenmaal daags bij het naar bed gaan oraal te worden ingenomen. De arts dient de meest geschikte formulering en sterkte voor te schrijven op basis van het gewicht en de dosis. Er zijn alternatieve formuleringen van perampanel beschikbaar, waaronder orale suspensie. Partiële aanvallen Van perampanel in doses van 4 mg/dag tot 12 mg/dag is aangetoond dat het een effectieve behandeling is bij partiële aanvallen. De volgende tabel bevat de aanbevolen dosering voor volwassenen, adolescenten en kinderen vanaf de leeftijd van 4 jaar. Onder de tabel wordt meer informatie gegeven.

Volwassene/adolescent (vanaf 12 jaar) Kinderen (4 - 11 jaar); met een gewicht van: ≥ 30 kg 20 - < 30 kg < 20 kg Aanbevolen startdosis 2 mg/dag 2 mg/dag 1 mg/dag 1 mg/dag Titratie (oplopende stappen) 2 mg/dag (niet vaker dan wekelijkse intervallen) 2 mg/dag (niet vaker dan wekelijkse intervallen) 1 mg/dag (niet vaker dan wekelijkse intervallen) 1 mg/dag (niet vaker dan wekelijkse intervallen) Aanbevolen onderhoudsdosis 4 - 8 mg/dag 4 - 8 mg/dag 4 - 6 mg/dag 2 - 4 mg/dag Titratie (oplopende stappen) 2 mg/dag (niet vaker dan wekelijkse intervallen) 2 mg/dag (niet vaker dan wekelijkse intervallen) 1 mg/dag (niet vaker dan wekelijkse intervallen) 0,5 mg/dag (niet vaker dan wekelijkse intervallen) Aanbevolen maximale dosis 12 mg/dag 12 mg/dag 8 mg/dag 6 mg/dag Volwassenen, adolescenten in de leeftijd van ≥ 12 jaar Behandeling met Fycompa dient te worden geïnitieerd met een dosis van 2 mg/dag. De dosis kan worden verhoogd op basis van klinische respons en verdraagbaarheid in stappen van 2 mg (wekelijks of eenmaal per twee weken, volgens de hieronder beschreven overwegingen met betrekking tot de halfwaardetijd) tot een onderhoudsdosis van 4 mg/dag tot 8 mg/dag. Afhankelijk van individuele klinische respons en verdraagbaarheid bij een dosis van 8 mg/dag, kan de dosis in stappen van 2 mg/dag worden verhoogd tot 12 mg/dag. Patiënten die gelijktijdig geneesmiddelen gebruiken die de halfwaardetijd van perampanel niet verkorten (zie rubriek 4.5) dienen niet vaker dan met tussenpozen van 2 weken te worden getitreerd. Patiënten die gelijktijdig geneesmiddelen gebruiken die de halfwaardetijd van perampanel verkorten (zie rubriek 4.5) dienen niet vaker dan met tussenpozen van 1 week te worden getitreerd. Kinderen (4 - 11 jaar) met een gewicht van ≥ 30 kg Behandeling met Fycompa dient te worden geïnitieerd met een dosis van 2 mg/dag. De dosis kan worden verhoogd op basis van klinische respons en verdraagbaarheid in stappen van 2 mg (wekelijks of eenmaal per twee weken, volgens de hieronder beschreven overwegingen met betrekking tot de halfwaardetijd) tot een onderhoudsdosis van 4 mg/dag tot 8 mg/dag. Afhankelijk van individuele klinische respons en verdraagbaarheid bij een dosis van 8 mg/dag, kan de dosis in stappen van 2 mg/dag worden verhoogd tot 12 mg/dag. Patiënten die gelijktijdig geneesmiddelen gebruiken die de halfwaardetijd van perampanel niet verkorten (zie rubriek 4.5) dienen niet vaker dan met tussenpozen van 2 weken te worden getitreerd. Patiënten die gelijktijdig geneesmiddelen gebruiken die de halfwaardetijd van perampanel verkorten (zie rubriek 4.5) dienen niet vaker dan met tussenpozen van 1 week te worden getitreerd. Kinderen (4 - 11 jaar) met een gewicht van ≥ 20 kg en < 30 kg Behandeling met Fycompa dient te worden geïnitieerd met een dosis van 1 mg/dag. De dosis kan worden verhoogd op basis van klinische respons en verdraagbaarheid in stappen van 1 mg (wekelijks of eenmaal per twee weken, volgens de hieronder beschreven overwegingen met betrekking tot de halfwaardetijd) tot een onderhoudsdosis van 4 mg/dag tot 6 mg/dag. Afhankelijk van individuele klinische respons en verdraagbaarheid bij een dosis van 6 mg/dag, kan de dosis in stappen van 1 mg/dag worden verhoogd tot 8 mg/dag. Patiënten die gelijktijdig geneesmiddelen gebruiken die de halfwaardetijd van perampanel niet verkorten (zie rubriek 4.5) dienen niet vaker dan met tussenpozen van 2 weken te worden getitreerd. Patiënten die gelijktijdig geneesmiddelen gebruiken die de halfwaardetijd van perampanel verkorten (zie rubriek 4.5) dienen niet vaker dan met tussenpozen van 1 week te worden getitreerd. Kinderen (4 - 11 jaar) met een gewicht van < 20 kg Behandeling met Fycompa dient te worden geïnitieerd met een dosis van 1 mg/dag. De dosis kan worden verhoogd op basis van klinische respons en verdraagbaarheid in stappen van 1 mg (wekelijks of eenmaal per twee weken, volgens de hieronder beschreven overwegingen met betrekking tot de halfwaardetijd) tot een onderhoudsdosis van 2 mg/dag tot 4 mg/dag. Afhankelijk van individuele klinische respons en verdraagbaarheid bij een dosis van 4 mg/dag, kan de dosis in stappen van 0,5 mg/dag worden verhoogd tot 6 mg/dag. Patiënten die gelijktijdig geneesmiddelen gebruiken die de halfwaardetijd van perampanel niet verkorten (zie rubriek 4.5) dienen niet vaker dan met tussenpozen van 2 weken te worden getitreerd. Patiënten die gelijktijdig geneesmiddelen gebruiken die de halfwaardetijd van perampanel verkorten (zie rubriek 4.5) dienen niet vaker dan met tussenpozen van 1 week te worden getitreerd. Primaire gegeneraliseerde tonisch-klonische aanvallen Het is aangetoond dat perampanel bij een dosis van maximaal 8 mg/dag effectief is bij gegeneraliseerde tonisch-klonische aanvallen. De volgende tabel bevat de aanbevolen dosering voor volwassenen, adolescenten en kinderen vanaf de leeftijd van 7 jaar. Onder de tabel wordt meer informatie gegeven. Volwassene/adolescent (vanaf 12 jaar) Kinderen (7 - 11 jaar); met een gewicht van: ≥ 30 kg 20 - < 30 kg < 20 kg Aanbevolen startdosis 2 mg/dag 2 mg/dag 1 mg/dag 1 mg/dag Titratie (oplopende stappen) 2 mg/dag (niet vaker dan wekelijkse intervallen) 2 mg/dag (niet vaker dan wekelijkse intervallen) 1 mg/dag (niet vaker dan wekelijkse intervallen) 1 mg/dag (niet vaker dan wekelijkse intervallen) Aanbevolen onderhoudsdosis Maximaal 8 mg/dag 4 - 8 mg/dag 4 - 6 mg/dag 2 - 4 mg/dag Titratie (oplopende stappen) 2 mg/dag (niet vaker dan wekelijkse intervallen) 2 mg/dag (niet vaker dan wekelijkse intervallen) 1 mg/dag (niet vaker dan wekelijkse intervallen) 0,5 mg/dag (niet vaker dan wekelijkse intervallen) Aanbevolen maximale dosis 12 mg/dag 12 mg/dag 8 mg/dag 6 mg/dag Volwassenen, adolescenten in de leeftijd van ≥ 12 jaar Behandeling met Fycompa dient te worden gestart met een dosis van 2 mg/dag. De dosis mag op basis van de klinische respons en de verdraagbaarheid met stappen van 2 mg worden verhoogd (wekelijks of eenmaal per 2 weken, volgens de hieronder beschreven overwegingen met betrekking tot de halfwaardetijd), tot een onderhoudsdosis van maximaal 8 mg/dag. Afhankelijk van de individuele klinische respons en verdraagbaarheid bij een dosis van 8 mg/dag mag de dosis verder worden verhoogd tot 12 mg/dag, wat bij sommige patiënten effectief kan zijn (zie rubriek 4.4). Bij patiënten die gelijktijdig geneesmiddelen gebruiken die de halfwaardetijd van perampanel niet verkorten (zie rubriek 4.5), mag titratie niet vaker plaatsvinden dan met intervallen van 2 weken. Bij patiënten die gelijktijdig geneesmiddelen gebruiken die de halfwaardetijd van perampanel verkorten (zie rubriek 4.5), mag titratie niet vaker plaatsvinden dan met intervallen van 1 week. Kinderen (7 - 11 jaar) met een gewicht van ≥ 30 kg Behandeling met Fycompa dient te worden gestart met een dosis van 2 mg/dag. De dosis mag op basis van de klinische respons en de verdraagbaarheid met stappen van 2 mg worden verhoogd (wekelijks of eenmaal per 2 weken, volgens de hieronder beschreven overwegingen met betrekking tot de halfwaardetijd) tot een onderhoudsdosis van 4 mg/dag tot 8 mg/dag. Afhankelijk van de individuele klinische respons en verdraagbaarheid bij een dosis van 8 mg/dag kan de dosis in stappen van 2 mg/dag worden verhoogd tot 12 mg/dag. Patiënten die gelijktijdig geneesmiddelen gebruiken die de halfwaardetijd van perampanel niet verkorten (zie rubriek 4.5) dienen niet vaker dan met tussenpozen van 2 weken te worden getitreerd. Patiënten die gelijktijdig geneesmiddelen gebruiken die de halfwaardetijd van perampanel verkorten (zie rubriek 4.5) dienen niet vaker dan met tussenpozen van 1 week te worden getitreerd. Kinderen (7 - 11 jaar) met een gewicht van ≥ 20 kg en < 30 kg Behandeling met Fycompa dient te worden gestart met een dosis van 1 mg/dag. De dosis mag op basis van de klinische respons en de verdraagbaarheid met stappen van 1 mg worden verhoogd (wekelijks of eenmaal per 2 weken, volgens de hieronder beschreven overwegingen met betrekking tot de halfwaardetijd) tot een onderhoudsdosis van 4 mg/dag tot 6 mg/dag. Afhankelijk van de individuele klinische respons en verdraagbaarheid bij een dosis van 6 mg/dag kan de dosis in stappen van 1 mg/dag worden verhoogd tot 8 mg/dag. Patiënten die gelijktijdig geneesmiddelen gebruiken die de halfwaardetijd van perampanel niet verkorten (zie rubriek 4.5) dienen niet vaker dan met tussenpozen van 2 weken te worden getitreerd. Patiënten die gelijktijdig geneesmiddelen gebruiken die de halfwaardetijd van perampanel verkorten (zie rubriek 4.5) dienen niet vaker dan met tussenpozen van 1 week te worden getitreerd. Kinderen (7 - 11 jaar) met een gewicht van < 20 kg Behandeling met Fycompa dient te worden gestart met een dosis van 1 mg/dag. De dosis mag op basis van de klinische respons en de verdraagbaarheid met stappen van 1 mg worden verhoogd (wekelijks of eenmaal per 2 weken, volgens de hieronder beschreven overwegingen met betrekking tot de halfwaardetijd) tot een onderhoudsdosis van 2 mg/dag tot 4 mg/dag. Afhankelijk van de individuele klinische respons en verdraagbaarheid bij een dosis van 4 mg/dag kan de dosis in stappen van 0,5 mg/dag worden verhoogd tot 6 mg/dag. Patiënten die gelijktijdig geneesmiddelen gebruiken die de halfwaardetijd van perampanel niet verkorten (zie rubriek 4.5) dienen niet vaker dan met tussenpozen van 2 weken te worden getitreerd. Patiënten die gelijktijdig geneesmiddelen gebruiken die de halfwaardetijd van perampanel verkorten (zie rubriek 4.5) dienen niet vaker dan met tussenpozen van 1 week te worden getitreerd Behandeling stoppen Men wordt geadviseerd geleidelijk te stoppen om de mogelijke kans op rebound-aanvallen tot een minimum te beperken. In verband met zijn lange halfwaardetijd en daaruitvolgende trage daling van plasmaconcentraties, kan echter abrupt worden gestopt met perampanel wanneer dat absoluut nodig is. Gemiste doses Eén gemiste dosis: daar perampanel een lange halfwaardetijd heeft, dient de patiënt te wachten en zijn/haar volgende dosis volgens plan in te nemen. Wanneer er meer dan één dosis is gemist, gedurende een doorlopende periode van minder dan 5 halfwaardetijden (3 weken voor patiënten die geen perampanelmetabolisatie-inducerende anti-epileptica (AED's) innemen, 1 week voor patiënten die perampanelmetabolisatie-inducerende AED's innemen (zie rubriek 4.5)), dient men te overwegen de behandeling opnieuw te starten vanaf het laatste dosisniveau. Wanneer een patiënt gedurende een doorlopende periode van meer dan 5 halfwaardetijden is gestopt met perampanel, wordt geadviseerd dat men de hierboven gegeven aanbevelingen voor de initiële dosering volgt. Ouderen (65 jaar en ouder) Klinische onderzoeken van Fycompa bij epilepsie omvatten niet voldoende aantallen patiënten van 65 jaar en ouder om te bepalen of zij anders reageren dan jongere patiënten. Analyse van veiligheidsinformatie bij 905 met perampanel behandelde oudere patiënten (in dubbelblinde onderzoeken die werden uitgevoerd bij niet-epilepsie-indicaties) heeft geen leeftijdgerelateerde verschillen in het veiligheidsprofiel aangetoond. In combinatie met het ontbreken van leeftijdgerelateerd verschil in blootstelling aan perampanel, geven de resultaten aan dat dosisaanpassing bij ouderen niet nodig is. Bij ouderen dient men voorzichtig te zijn met het gebruik van perampanel en dient rekening gehouden te worden met de mogelijkheid van geneesmiddelinteractie bij patiënten die meerdere geneesmiddelen gebruiken (zie rubriek 4.4). Nierfunctiestoornis Dosisaanpassing is niet nodig bij patiënten met een lichte nierfunctiestoornis. Gebruik bij patiënten met matige of ernstige nierfunctiestoornis of patiënten die hemodialyse ondergaan, wordt afgeraden. Leverfunctiestoornis Dosisverhogingen bij patiënten met een lichte of matige leverfunctiestoornis dienen te worden gebaseerd op klinische respons en verdraagbaarheid. Voor patiënten met een lichte of matige leverfunctiestoornis kan de dosering worden geïnitieerd op 2 mg. Patiënten dienen niet sneller dan om de 2 weken op basis van verdraagbaarheid en werkzaamheid te worden opgetitreerd met doses van 2 mg. De perampanel-dosering voor patiënten met een lichte of matige functiestoornis dient de 8 mg niet te overschrijden. Gebruik bij patiënten met ernstige leverfunctiestoornis wordt afgeraden. Pediatrische patiënten De veiligheid en werkzaamheid van perampanel zijn nog niet vastgesteld bij kinderen jonger dan 4 jaar met de indicatie van partiële aanvallen en bij kinderen jonger dan 7 jaar met de indicatie van primaire gegeneraliseerde tonisch-klonische aanvallen. Wijze van toediening Fycompa dient als enkele orale dosis voor het naar bed gaan te worden ingenomen. Het kan al dan niet met voedsel worden ingenomen (zie rubriek 5.2). De tablet dient heel te worden doorgeslikt met een glas water. Hij mag niet gekauwd, fijngemaakt of gehalveerd worden. Doordat er geen breuklijn is, kunnen de tabletten niet precies worden gehalveerd.

CNK 4916961
Organisaties Abacus Medicine
Breedte 30 mm
Lengte 60 mm
Diepte 100 mm
Actieve ingrediënten perampanel
Behoud Kamertemperatuur (15°C - 25°C)